Selina Roskam geeft advies – Wat doe je met een financiële incentive?

Before Article

Selina RoskamDe businesscase van het verduurzamen van gebouwen is positief. In ieder geval als je het laaghangend fruit, zoals de erkende maatregelen, meeneemt. Maar waarschijnlijk is de businesscase ook nog wel positief als je het net iets hoger hangende fruit, zoals de altijd-goed-maatregel zonnepanelen, ook meeneemt. Toch meent de overheid gebouweigenaren, zoals MKB-ers, zorginstellingen, commerciële investeerders, gemeenten en andere vastgoedgebruikers toch nog te moeten verleiden met een financiële incentive. Die gaat vaak gepaard met een extra uitdaging.
In deze blog geef ik – Selina Roskam – je een blik op 2021. Wat blijft en wat is nieuw rondom de financiële regelingen voor het verduurzamen van gebouwen?

Hooghangend fruit

Een voorbeeld van een extra uitdaging, het hooghangende fruit, zijn deze twee regelingen: regelingen Groenprojecten en de MIA\Vamil. Echt voor ondernemers die meer doen dan wat rond te rekenen is, die aanlopen tegen een onrendabele top.

  • Groenverklaring
    Voor de een heb je een groenverklaring nodig, die RVO afgeeft. Je renovatieproject moet dan een flinke energielabelsprong maken en duurzaam hout gebruiken. Met die groenverklaring kun je goedkoper geld lenen bij een groenbank.
  • MIA\Vamil
    Via de MIA\Vamil kun je je investeringen als aftrekposten gebruiken bij de belasting op winst. Deze regeling is geschikt voor bijvoorbeeld circulaire gebouwen, waarbij de indiener extra uitdagen om een materialenpaspoort en MPG-berekeningen toe te voegen en kennis te delen.

Je kunt ook kiezen om je gebouw te verduurzamen via een maatlat van BREEAM-NL, GPR Gebouw of LEED. Hogere niveaus van deze maatlatten worden ook via MIA ondersteund. Ook andere gebouwgerelateerde duurzame producten kun je in deze regelingen terugvinden.

Fruit dat ergens er tussenin hangt

De ISDE

Per 2021 wordt de ISDE uitgebreid. De ISDE is de bekende regeling voor duurzame warmte: warmtepompen en zonneboilers komen in aanmerking voor zowel particuliere als zakelijke gebruikers. Maar wat toegevoegd wordt per 2021 zijn zonnepanelen.
De uitbreiding voor zonnepanelen geldt óók voor maatschappelijk vastgoedeigenaren die met een netto jaarverbruik op een kleinverbruikersaansluiting zitten en meer dan 50.000kWh verbruiken: denk aan scholen, zorginstellingen of overheden. De ISDE werkt met een vast bedrag per product. Dat is ook hetzelfde voor de toevoeging van zonnepanelen. De panelen moeten dan een gezamenlijk piekvermogen van meer dan 15 kW hebben, maar minder dan 100 kW. Zonnepanelen hebben tegenwoordig een vermogen van rond de 300 Wp per paneel, dus dan moet je minimaal ongeveer 50 panelen op je dak leggen. Wil je precies weten hoe het zit? Dan kun je de staatscourant bestuderen. De informatie op de website van RVO wordt op 4 januari geupdate.

EIA

De voorwaarden van de ISDE komen overeen met de voorwaarden voor zonnepanelen in Energie-investeringsaftrek (EIA), die meer gericht is op bedrijven. Sowieso ben ik wel fan van investeringen die als positief worden beschouwd, waardoor je minder belasting op je winst hoeft te betalen.
Maar in de EIA zitten naast losse maatregelen voor gebouwen – zoals zonnepanelen, een warmtenet, energiezuinige verlichting, warmtepompen en zelfs isolatie – ook de geweldige pakketcode. Met de pakketcode kun je je totale renovatie met energielabelsprong opvoeren.
Voorlopig zal het huidige maatwerkadvies nog geaccepteerd worden omdat het vernieuwde maatwerkadvies volgens NTA 8800 nog niet gereed is.

SDE++

Een populaire incentive, maar eentje die best ingewikkeld is om aan te vragen (tip: lees de blog van collega Wido van Heemstra) is de SDE++. Het was al + voor verschillende duurzame energietechnieken, maar nu heet het zelfs ++, omdat technieken die tot vergaande CO2-reductie leiden nu ook in aanmerking komen. Voor gebouwen heeft dat niet heel veel gevolgen, al zou de categorie CO2-arme warmte in de toekomst nog best uitgebreid kunnen worden.
In ieder geval: zonnepanelen op daken komen in aanmerking voor SDE++. Er zijn twee relevante categorieën: ≥ 15 kWp en < 1 MWp en ≥ 1 MWp voor gebouwen. Als ik dan weer even het zonnepaneeltje van 300 Wp pak, dan kom je dus uit op een project tussen de 50 en ruim 3000 zonnepanelen, dat is net geen voetbalveld vol. Boven de 1 MWp moet je dus wel echt een flink dakoppervlak hebben, en vooral een stevige.

Het verschil met de ISDE is dat je bij de SDE++ een grootverbruikersaansluiting voor een ZON-PV aanvraag moet hebben, bij de EIA en de ISDE is dat juist niet de bedoeling.

 

– Selina Roskam, RVO Nederland

Natuur met een meerAlle andere SDE-categorieën zijn meer interessant voor de industrie, op één innovatie voor gebouwverwarming na die interessant is voor bedrijven en instellingen: Thermische-energie uit oppervlaktewater (TEO), drinkwater (TED) of afvalwater (TEA). Wanneer je gebouw dicht bij een plas of rivier staat, kan het interessant zijn om de warmte uit dit water te halen. Dit dus in combinatie met een warmtepomp van 0,5 MWth.

Laaghangend fruit

De BOSA

Het uitgangspunt bij de overheid is dat laaghangend fruit of wettelijke eisen niet gesubsidieerd worden. We subsidiëren geen maatregelen die je al verplicht bent om te nemen in het kader van de energiebesparingsplicht.
Vaak vallen sportinstellingen niet onder de energiebesparingsplicht, maar het kan zomaar zijn dat ouderwetse veldverlichting toch best een hoge energierekening met zich meebrengt. De BOSA van het ministerie van VWS is dan interessant voor de sportsector. Het laaghangende fruit zijn losse maatregelen die 20% subsidiabel zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het plegen van onderhoud aan het clubhuis.

Verduurzamen met een relatief korte terugverdientijd

Wanneer je de gehele accommodatie aanpakt, eigenlijk het net-iets-minder-laaghangende fruit, kun je 30% subsidie krijgen. Deze aanvullende subsidie (10% hoger dan reguliere maatregelen) kan verkregen worden wanneer verouderde constructies en materialen vervangen worden voor de moderne, energiebesparende variant. Het vervangen van oude gasontladingsbuizen voor moderne LED-sportveldverlichting kan gemakkelijk het elektriciteitsgebruik voor de verlichting halveren, terwijl het met 50.000 branduren ook veel langer meegaat. Daarnaast zorgen maatregelen als isolatie, HR-beglazing en zonnepanelen dat de betreffende instelling toekomstbestendig is, ook met het oog op duurzaamheid. Dit alles terwijl de terugverdientijd, mede dankzij de subsidie, relatief kort is.

Als aanvulling, voor bijvoorbeeld de investeringen in de sportsector, heeft de BNG een duurzaamheidsfonds opgericht. Ook de Stichting Waarborgfonds Sport helpt bij het betaalbaar houden van duurzame investeringen.

schoolgebouwHelemaal nieuw is de SUVIS

De SUVIS is een specifieke uitkering voor ventilatie in scholen en gaat op 4 januari open. Schoolgebouwen moeten hun ventilatiesysteem op orde brengen en kunnen de kosten daarvoor opvoeren en krijgen ca 30% subsidie. De extra eisen hier zijn kooldioxidemeters en een energiebeheer- en registratiesysteem (EBS). Dit laatste is een erkende maatregel, maar veel scholen komen niet boven de 50.000 kWh of 25.000 m3 gas uit en dus is het geen verplichting. Maar wel een kans natuurlijk, want meten is weten. Maar… de gemeente moet de subsidie aanvragen, dus samen optrekken is het devies.

Wat doe jij met de incentive?

Ik begon mijn blog met het standpunt dat de businesscase voor energiezuinig renoveren vaak positief is. Dus waarom heb je eigenlijk een incentive nodig?
De redenen kunnen divers zijn, maar waar ik toch altijd weer op terugkom is dat “money makes the world go round”. Een feit – geen probleem – ook al is welvaartsbehoud in plaats van welvaartsstijging wat mij betreft een beter doel.
Ik ben mijn eigen huis aan het verbouwen en ga mijn energiebesparende maatregelen, zoals het dak, de voordeur, het glas en de vloerisolatie, ook opvoeren voor de SEEH. Je krijgt nog 30% subsidie als je dit uiterlijk 31 december 2020 doet. En omdat niet alles voor 31 december, of eigenlijk aankomende vrijdag, gereed is, doe ik in 2021 ook nog een aanvraag voor de ISDE, die in 2021 ook de energiebesparende maatregelen bevat.
Ik doe het niet om de subsidie, want ik vind het gewoon belangrijk om mijn huis aardgasvrij te maken en te laten zien dat het wél kan en dat ik dit prima kan financieren binnen de bestaande leenvormen. De subsidie die ik krijg, wil ik inzetten op wat ambachtelijk werk: glas in lood voor de erker in mijn jaren 30 huis, natuurlijk isolatieglas en met een mooi ontwerp van een vriendin van mij. Zo bereik ik een win-win: symbolische kunst in mijn huis, een geweldig aandenken aan een vriendin en de stimulatie van ambachtelijke werkzaamheden.

Geschreven door Selina Roskam