Meten grondstofverbruik must voor circulaire economie

Before Article

In 2020 staat er €88 miljoen gereserveerd om de circulaire economie te stimuleren. Maar hoe kan circulariteit gemeten worden? Lees hieronder de blog van Bram Adema en Bert van Renselaar.

Circulaire economie stimuleren

In de Miljoenennota die het kabinet op Prinsjesdag presenteerde, staat voor 2020 € 88 miljoen gereserveerd om de circulaire economie te stimuleren. Dit is een mooi gebaar en het blijft belangrijk om goede initiatieven te stimuleren. Het ontbreekt echter aan een eenduidige visie hoe circulariteit gemeten kan worden. Pas dan kunnen de circulaire ambities voor 2050 concreet gemaakt worden. Want zonder deze meting blijft de circulaire economie namelijk een abstract begrip, waardoor de werkelijke impact van initiatieven niet duidelijk is. Uit de eerste praktijkmetingen van het grondstofverbruik in de gebouwde omgeving blijkt dat nieuwe gebouwen al gauw twee tot drie keer zoveel grondstoffen gebruiken als bestaande gebouwen die werden gerenoveerd. Daarnaast blijkt dat het verbranden van fossiele brandstoffen voor ongeveer 2/3e voor het grondstofverbruik verantwoordelijk is. Deze inzichten kunnen helpen prioriteiten te bepalen en richting te kiezen in het circulair maken van de Nederlandse gebouwde omgeving.

Gebruik van virgin grondstoffen

Het vormgeven van een circulaire economie is hard nodig omdat de grondstoffen opraken. We onttrekken ieder jaar veel nieuwe (ook wel virgin genoemde) grondstoffen aan de aarde en gooien deze daarna weg. Dit zijn niet alleen goud, olie en zoet water, maar ook natuur, ruimte en schone lucht. Deze grondstoffen gaan voor altijd verloren of kunnen alleen tegen zeer hoge kosten worden herwonnen. Inmiddels gebruiken we 1,7 keer meer grondstoffen dan de aarde jaarlijks kan produceren. Eind juli dit jaar, op Earth Overshoot Day, hadden we alles al opgebruikt voor het hele jaar. Het enige alternatief is overstappen naar een circulaire economie, waarin al onze grondstoffen herbruikbaar of hernieuwbaar zijn.

Mijnbouw

Circulair: 0 kilogram nieuwe grondstoffen

De circulaire economie kan als volgt gedefinieerd worden: nul kilogram nieuwe grondstoffen aan de aarde onttrekken en nul kilogram bestaande grondstoffen weggooien, onder een weg begraven of verbranden. Om te weten hoeveel kilogram grondstoffen we nu aan de aarde onttrekken en om te bepalen wat we moeten doen om dit naar nul te brengen, is het noodzakelijk dit meetbaar te maken. Vergelijkbaar met de winstgevendheid van een bedrijf in euro’s of de meting van uitstoot in tonnen CO2. De opwarming van de aarde kon pas wereldwijd worden aangepakt, nadat de uitstoot van broeikasgassen meetbaar werd gemaakt.

Gebouwde omgeving grootste verbruiker

Eén van de grootste verbruikers van grondstoffen is de gebouwde omgeving. Naast de grote hoeveelheid fossiele brandstoffen zijn gebouwen ook een grootverbruiker van veel andere grondstoffen. In de afgelopen twaalf maanden hebben we het grondstofverbruik van veel gebouwen geteld in kilogrammen. Zuinige of bijna circulaire gebouwen verbruiken zo’n 13 kg per m2 gebouw. Gemiddelde gebouwen verbruiken bijna 100 kg per m2 per jaar. De meest circulaire gebouwen gebruiken geen fossiele brandstoffen, stoten bijna geen CO2 uit, gebruiken bijna alleen gerecyclede of hernieuwbare grondstoffen voor onderhoud, schoonmaak, inrichting of catering en hebben (bijna) geen restafval.

Bouw van een nieuwe torenRenovatie vs nieuwbouw

Het vergelijken van gebouwen op het grondstofverbruik in kilogrammen per m2 levert enkele schokkende conclusies op. Zo gebruikt een nieuw gebouw in de eerste 10 jaar, hoe duurzaam ook gebouwd, al gauw twee tot drie keer zoveel grondstoffen als een bestaand gebouw dat werd gerenoveerd. Dit betekent ten eerste dat renovatie, en niet nieuwbouw, de oplossing is voor een duurzame stad. Dat betekent ook dat circulaire gebouwen niet alleen zuinig zijn qua dagelijks verbruik. Door hun ontwerp, kwaliteit en adaptiviteit kunnen deze gebouwen langdurig gebruikt worden, zonder ingrijpende verbouwingen of sloop. Een tweede belangrijke conclusie is dat het grondstoffenverbruik van een gebouw met name bestaat uit het verbruik van fossiele brandstoffen. Energie besparen en duurzaam opwekken is in 99% van de gebouwen de grootste en eerste stap naar een circulair gebouw. De energietransitie is dan ook geen op zichzelf staand gegeven, maar een belangrijke stap op weg naar de circulaire economie in de westerse wereld.

Het meten van circulariteit

Het blijkt in de praktijk dat het meten van circulariteit helemaal niet zo ingewikkeld is. Bij de som zijn alle grondstoffen uiteraard verschillend, net zoals bij CO2-uitstoot, maar snel wordt duidelijk waar de impact zit. Het meten van grondstoffenverbruik per jaar, per m2 of per medewerker is een noodzakelijke voorwaarde voor het invoeren van de circulaire economie. In gebouwen zal dit leiden tot meer duurzame keuzes op het gebied van energie, inrichting, catering en aanpasbaarheid van de indeling. Ook zal nieuwbouw vaker heroverwogen worden. Natuurlijk zijn er situaties waarin een nieuw gebouw te verkiezen is boven het renoveren of transformeren van een bestaand gebouw. Het tellen van de grondstoffen in kilo’s voor de komende tien jaar voor alle scenario’s zal het antwoord geven in deze afweging.

Op basis van in de praktijk verzamelde data is CFP in staat om naast ieder gebouw tientallen referentiegebouwen te plaatsen waarmee het grondstofverbruik vergeleken kan worden. Uit deze resultaten blijkt onder andere dat een nieuw gebouw neerzetten gemiddeld vijf keer meer grondstoffen vraagt dan een bestaand gebouw renoveren. Gedurende de looptijd verandert dit doordat nieuwe gebouwen gemiddeld energiezuiniger zijn dan gerenoveerde gebouwen. Hierdoor gebruikt een nieuw gebouw over langere tijd gemiddeld twee tot drie keer meer grondstoffen.

Geschreven door:
Bram Adema, Oprichter en directeur van CFP Green Buildings
Bert van Renselaar, Managing partner van CFP Green Buildings